Tel: +31 (0)10 52 25 011 NL |   Fax: +31 (0)84 21 51 696 NL  skype afrika-online
English Nederlands
Home | Over Ons | Contact | Extra
Slideshow

Luxe rondreizen op maat samengesteld in Madagaskar

Geografie

Madagaskar (officieel: Frans: République de Madagascar, of Madagassisch: Repoblikan 'i Madagasikara) ligt 400 km ten oosten van Afrika's oostkust, langs de Straat van Mozambique. Madagaskar is op drie na het grootste eiland ter wereld na Groenland, Nieuw Guinea en Borneo. De oppervlakte beslaat 587.041 km2 en Madagaskar is daarmee ongeveer net zo groot als Frankrijk en België samen. Van noord naar zuid is de grootste afstand 1580 km, en van oost naar west is de grootste afstand 579 km. Het hoogste punt van Madagaskar is de Maromokotro, 2876 meter hoog.
Madagaskar wordt ook wel het "rode eiland" genoemd, een verwijzing naar de roodbruine aarde. Door de centrale bergrug die over het eiland loopt kent Madagaskar een zeer afwisselend landschap.
 
In het noorden ligt het berggebied Montagne d'Ambre met bossen vol met varens, palmen en andere enorme bomen.
Iets meer naar het zuiden ligt het grotendeels vulkanische Ankarantra-gebergte met vele grotten, spelonken, kalksteenformaties en onderaardse rivieren. Het zet zich naar het noorden en zuiden voort met een gemiddelde hoogte van 1500 meter. De oostkust is tropisch vochtig en men vindt hier dan ook de tropische regenwouden.
 
De zuidwestelijke punt van Madagaskar is een zeer droog woestijngebied met enorme doornhagen.
 
Tussen het savannelandschap in het noordwesten en het woestijnlandschap in het zuidwesten ligt nog een gebied met een steppelandschap. In het noordwesten heeft de kust vele diepe inhammen, waarvoor vele eilanden liggen.
 
Behalve in het uiterste noorden en zuiden ligt langs de westkust een 15 tot 110 km brede, vlakke en moerassige kustvlakte.
 
De grootste rivieren zijn de Manambdo en de Tsiribihina.
 
Klimaat

Madagaskar heeft een tropisch klimaat dat in belangrijke mate bepaald wordt door de zuidoostpassaat. November, met veel onweer, is de regenrijkste maand, hoewel de oostkust vrijwel het gehele jaar door neerslag heeft. De zomer duurt van november tot maart en het is dan zeer warm met vrij veel regenval. Van april tot oktober duurt het winterseizoen en dan is het droger met wat lagere temperaturen. In het droge jaargetijde waait een constante oostenwind. Klimatologisch is Madagaskar te verdelen in zes regio's:
 
Westen
Van noord naar zuid varieert de regenval sterk. De meeste regen valt in de maanden november tot en met april. In Majunga in het noordwesten valt gemiddeld 1520 mm per jaar. In Toliara in het zuidwesten valt gemiddeld maar 360 mm per jaar. Het aantal droge maanden bedraagt zeven à acht. De dag- en nachttemperaturen verschillen meer naarmate men zuidelijker komt.
 
Centraal plateau
Temperatuur en regenval worden hier beïnvloed door de hoogteverschillen. Zo kan de dag- en nachttemperatuur in de hoofdstad Antananarivo wel 14°C verschillen. In de wintermaanden kan de temperatuur op de hoogvlakte rond Antananarivo dalen tot het vriespunt. Het regenseizoen valt in november-december. De meeste regen valt in Antsirabe, 1400 mm. Op de hoogvlakten stijgt de temperatuur zelden boven 23°C.
 
Oosten
In het noordoosten en de centrale gebieden komt geen echte droge periode voor. Het zuidoosten kent een wat droger, stabieler weertype. In februari en maart kan het hevig regenen en de kans op cyclonen is dan het grootst. De meeste regen valt in Maroantsetra, 4100 mm per jaar. De minste regen valt in Taolagnaro, 1520 mm per jaar.
 
Zuidwesten
Dit is het droogste gebied van Madagaskar. In het westelijk deel valt maar 50 mm per jaar en in het oostelijk gedeelte maar 340 mm, meestal in de maanden november en december.
 
Noorden
Het klimaat in het noorden lijkt veel op dat van de oostelijke regio's, behalve de regio Antsiranana, waar maar 920 mm regen per jaar valt. De regen valt vooral in de maanden december tot en met april.
 
Noordwesten of Sambirano
Deze kleine regio heeft door zijn ligging een geheel eigen klimaat met regelmatig veel regen afgewisseld met zonnige perioden.
 
Planten en dieren

Zo'n 165 miljoen jaar geleden raakte Madagaskar los van Gondwanaland, het oercontinent. Daardoor voltrok de evolutie van plant en dier zich op een geheel eigen wijze. Dier- en plantensoorten bleven op Madagaskar intact, terwijl ze op andere continenten, vaak zeer negatief beïnvloed door de aanwezigheid van de mens, uitstierven. Toch heeft ook de natuur op Madagaskar sinds de komst van de eerste kolonisten veel te lijden gehad. Al snel werden grote delen van het regenwoud weggekapt. Verder is o.a. de reuzenschildpad en de olifantsvogel uitgestorven, samen met vijftien soorten lemuren.
 
Het gevarieerde landschap van dit grote eiland is verder een factor die de diversiteit in de flora en fauna bevorderd heeft. Zo komen zes complete plantenfamilies alléén op Madagaskar voor en verder 1000 soorten orchideeën, duizenden cactussoorten, ontelbare insecten, 300 kikkersoorten, 270 soorten reptielen, vijf vogelfamilies en meer dan 100 soorten zoogdieren waaronder veel primaten. Opmerkelijk is dat veel van deze soorten pas ná de breuk met het Afrikaanse vasteland op Madagaskar terecht kwamen.
 
Zoals gezegd is de verscheidenheid aan plantensoorten enorm. Er komen meer dan tienduizend soorten op Madagaskar voor, waarvan 80% inheems is! Hoewel door "tavy" (het kappen van bomen en daarna verbranden van de grond) grote delen van Madagaskar boomloos zijn, komen alle soorten bossen nog wel ergens op het eiland voor. Geïmporteerde soorten zoals de eucalyptus vormen een bedreiging voor de inheemse soorten.
 
De beroemdste boom van Madagaskar is de baobab. Het zijn dikke, ronde bomen met een platte kroon. Ze kunnen dertig meter hoog worden en de stammen kunnen zestigduizend liter water vasthouden. Op Madagaskar komen zeven soorten voor, die wel tweeduizend jaar oud kunnen worden. De boom speelt een rol in talloze Afrikaanse mythen en legenden. De schors, de vruchten, de bladeren, het hout, bijna alles van deze boom wordt door de bevolking gebruikt.
 
Varens kwamen al 350 miljoen geleden op de aarde voor toen Madagaskar nog aan Afrika vastzat. Met name de grote boomvarens domineerden het landschap toen. Kleinere soorten varens komen nu nog steeds in groten getale voor in de regenwouden aan de oostkust, maar leven nu in de schaduw van grotere bomen. Ongeveer 170 soorten palmbomen komen op Madagaskar voor, waarvan er 165 nergens anders voorkomen. Er zitten enkele zéér bijzondere soorten bij zoals de raffia- palm, de verenpalm en de Ravenea musicalis. Deze palmsoort begint onder water te groeien! Palmen komen over het gehele eiland voor, zelfs in de buurt van woestijngebieden. Alleen al in de laatste tien jaar zijn er vijftig nieuwe soorten ontdekt.
 
Het tropisch regenwoud wordt gedomineerd door de zogenaamde "evergreen trees", dat zijn bomen die gedurende het hele jaar hun bladeren behouden. Ze kunnen 30 meter hoog worden en op één hectare regenwoud kunnen wel 250 verschillende soorten voorkomen. Andere "evergreen"-soorten zijn de tapiaboom, negen soorten mangrovebomen en cactusbomen.
 
De rest van het bomenbestand van Madagaskar verliest zijn bladeren in het droge seizoen. Voorbeelden hiervan zijn de banyan-vijgenboom en de gigantische tamarinde. Bijzonder is de "traveller's tree", genoemd naar het water dat in de grote bladeren blijft staan en zo reizigers in vroeger tijden van water voorzag. Deze boom is ook het symbool van de nationale vliegmaatschappij, Air Madagascar. Er komen meer dan 1000 soorten orchideeën voor op het eiland, meer dan in heel Afrika samen. De meeste soorten leven op de bomen van de regenwouden in het oosten en hebben de meest uiteenlopende kleuren, patronen, afmetingen en vormen. Overal waar minder dan 400 mm water per jaar valt, overheersen de vetplanten. Ze slaan water op in hun bladeren, stam of wortels en overleven daardoor het droge klimaat. Aloë's zijn bekende vetplanten waarvan het lijkt of de bladeren rechtstreeks uit de grond komen.
 
Didieraeceae, voorkomend in het droge zuidwesten, zijn zeer intrigerende planten voor botanici. Het is namelijk een complete familie planten die nergens anders op de wereld voorkomt en opvalt door zijn bizarre vormen. Er leven ongeveer 150.000 soorten ongewervelde dieren in Madagaskar. Bijzonder is de gouden bolwebspin die met haar web vaak voorkomt op telefoonlijnen! De draden die ze maken zijn zo sterk dat er vroeger textiel van gemaakt werd. Een andere spinnensoort gooit een web op haar prooi.
 
De 300 vlindersoorten zijn allemaal afkomstig van het vasteland van Afrika. De ongeveer 4000 mottensoorten waren al veel langer op Madagaskar. De meest indrukwekkende is de gele komeetmot die een vleugelwijdte van 25 cm kan bereiken.
 
Verder vinden we op Madagaskar o.a. bidsprinkhanen, duizendpoten, platwormen, bloedzuigers en grote aantallen torren.
 
Interessante vissen zijn de cichliden in al hun kleuren en variëteiten. Opmerkelijk is hun gedrag als hun jongen bedreigd worden. De jongen vluchten dan in de mond van de volwassen vis! In de ondergrondse rivieren in West- Madagaskar leven de blinde grotvissen. De oostkust is bekend vanwege de vele haaien die daar leven. De koraalriffen aan de westkust worden bevolkt door talloze vissoorten zoals o.a clownvissen, zeeëngelen, vlindervissen, lipvissen, slijmvissen, grondels, moeralen, stekelvissen en egelvissen. Zoetwatervissen zijn slecht vertegenwoordigd. Vreemd genoeg zijn kikkers de enige amfibieën op Madagaskar. Watersalamanders, gewone salamanders en padden komen niet voor. Op dit moment zijn er 170 soorten bekend, waarvan er maar twee ergens anders op de wereld voorkomen. Berekend is echter dat er elke twee maanden wel weer een nieuwe soort ontdekt wordt, en men vermoedt dat er uiteindelijk wel meer dan 300 soorten op Madagaskar voorkomen. De unieke historie van Madagaskar is vooral te zien bij de reptielen. Vele Madagassische soorten lijken meer op soorten uit Zuid-Amerika en Azië, dan op soorten uit Afrika.
 
Ongeveer de helft van alle bekende soorten kameleons komen op Madagaskar voor. Verder komen er 70 soorten gekko's voor. Ongeveer de helft van de soorten hebben perfecte schutkleuren. De andere helft daarentegen is al van een flinke afstand te zien. De iguanodon is een reuzenhagedis die alleen in Noord- en Zuid-Amerika gevonden wordt en op Madagaskar! Hetzelfde verhaal bij de drie soorten boa's. Op het Afrikaanse vasteland worden alleen nog fossielen gevonden terwijl in Zuid-Amerika nog verschillende verwanten leven. De boa's en alle andere slangensoorten zijn ongevaarlijk voor de mens.
 
De Nijlkrokodil komt, hoewel bedreigd, nog vrij veel voor op Madagaskar. Verschillende soorten schildpadden worden met uitsterven bedreigd. Door middel van fokprogramma's probeert men het aantal weer op een aanvaardbaar peil te brengen.
 
Het aantal soorten vogels is verassend klein. Er leven ongeveer 270 soorten op het eiland, waarvan er 110 alléén op Madagaskar voorkomen. Drie soorten mesites behoren tot de zeldzaamste vogels ter wereld. De bekendste inheemse vogels zijn de 15 soorten vanga's, allemaal gespecialiseerd in het vangen van insecten. Opmerkelijk zijn de afwijkende snavels tussen de soorten onderling. De meeste vogels komen dus elders op de wereld ook voor o.a. reigers, meerkoeten, futen, eenden, talingen, ibissen, paradijsvliegenvangers, hoppen en lijsters. Roofvogels zijn o.a. Madagassische torenvalk, Madagassische buizerd, Madagassische koekoeksvalk en zes uilensoorten. De Madagassische visarend en Madagassische slangenarend zijn zeer zeldzaam. De uitgestorven olifantsvogels, reusachtige loopvogels, zijn zeker de meest opvallende vogels van het eiland geweest; het uitsterven van deze vogels is nog zo recent dat er nog regelmatig (fragmenten van) eierschalen worden aangetroffen.
 
Van alle zoogdieren op Madagaskar zijn de lemuren het beroemdst. Van deze aapachtigen zijn ongeveer vijftig soorten bekend. De afgelopen jaren vond men nog vier nieuwe soorten. De "prosimian", de verre voorvader van de lemuren, kwam ooit in alle werelddelen voor. Het zijn ook de verste voorouders van de mens. Om te overleven ontwikkelden de prosimians zich in Afrika van apen tot uiteindelijk mensen. De prosimians die op Madagaskar terecht kwamen, hadden echter geen reden om te evolueren. Ze hadden namelijk geen natuurlijke vijanden meer, die waren op het vasteland van Afrika achtergebleven. Lemuren hebben vosachtige gezichten en handen die lijken op die van de mens. De bekendste lemuren zijn de bruine lemuur, de ringstaartlemuur, de zwarte lemuur en de indri's. De vreemdste lemurensoort is de aye-aye. Deze lemuur heeft een vossenstaart, vleermuisoren en vreemde handen met een skeletachtige middelvinger om insecten uit boombasten te krabben. Uitgestorven vormen waren vermoedelijk even groot als de huidige mensapen. In februari 2001 hebben een Duitse en een Zwitserse wetenschapper een tot dusver onbekende soort ontdekt. De ontdekte soort is een zogenaamde wollemuur die de naam Avahi Unicolor heeft meegekregen.
 
Bijzonder zijn ook de tenrecs, waarvan de grootste soort tevens de grootste insecteneter ter wereld is. Het aantal jongen dat deze soort werpt kan wel 24 bedragen.
 
Er leven ongeveer 20 soorten knaagdieren op Madagaskar en het zijn bijna allemaal nachtdieren.
 
Tot de acht vleesetende soorten op Madagaskar behoren de civetkatten en de mangoesten. De grootste van allemaal is de fosa, een katachtige met een enorm lange staart die hem helpt om lemuren tot in de kruinen van de bomen op te jagen.
 
De ongeveer 25 soorten vleermuizen leven ook in Afrika of Azië. Drie soorten zijn overdag actief, de rest komt 's nachts te voorschijn.
 
Geschiedenis

Eerste bewoners
Hoewel Madagaskar relatief dicht bij het Afrikaanse vasteland ligt bleef het onbewoond tot zo’n 1500 à 2000 jaar geleden. Ook de eerste bewoners kwamen niet van Afrika, maar van Maleisië en Indonesië, 6400 km ver weg. De overgrote meerderheid van de bevolking stamt dan ook van deze mensen af. Men vermoedt dat deze mensen via Oost-Afrika uiteindelijk op Madagaskar terecht kwamen. Ze namen ook hun eigen voedsel mee, en vandaar dat nu nog steeds rijst het belangrijkste voedsel voor de Madagassiër is. Na een turbulente geschiedenis is de bevolking verdeeld in 18 stammen, met als belangrijkste stam de Merina.
 
De eerste Europeanen arriveerden onder Portugese vlag in het jaar 1500 op Madagaskar. Dat Madagaskar bestond was al lang voordat deze Europeanen arriveerden opgetekend door Marco Polo en door Arabische cartografen. In de eeuwen die volgden probeerden Portugezen, Hollanders en Engelsen zich vaak tevergeefs permanent op het eiland te vestigen. Dit lukte wel piraten die vanaf eind 17e eeuw hun uitvalsbasis op Madagaskar hadden.
 
zestiende tot en met achttiende eeuw
Er ontstonden langzamerhand drie koninkrijkjes op Madagaskar: Menabe in het westen, Zana-Malata in het oosten en de Merina op het centraal plateau. Aan het eind van de 16e eeuw veroverden de Menabe noordwaarts langs de kust grote stukken land. Onder koning Andriamisara I werden ook de oostelijke hooglanden bezet. Zijn opvolger Andriandahifotsy wilde het hele zuiden en oosten van Madagaskar onder zijn bewind stellen, maar dit lukte niet helemaal. Later, gedurende de heerschappij van Andriamandisoarivo (1685- 1712), stichtte zijn onterfde zoon het koninkrijk Boina dat tot begin 19e eeuw stand hield. Aan het begin van de 18e eeuw werd Ile Sainte Marie het hoofdkwartier van de piraten. Ratsimilaho, zoon van een Engelse piraat en een Madagassische prinses, lukte het om de Zana-Malata’s en wat rivaliserende stammen samen te voegen tot het rijk van Betsimisaraka. In 1750 trouwde Ratsimilaho’s dochter Bety met een Franse korporaal, Jean-Onésime Filet. Als huwelijkscadeau kregen ze het eiland Ile Sainte Marie. Na de dood van Ratsimilaho stond Bety het eiland af aan de Fransen. Haar zoon Zanahary nam het koninkrijk van haar over, maar dat viel onder zijn heerschappij al snel uit elkaar. Eind 18e eeuw installeerde een Hongaars-Franse slavenhandelaar, Maurice-Auguste Comte de Beniowski zich in Antongila en riep zichzelf uit tot keizer van geheel Madagaskar. In 1786 werd hij afgezet door Franse troepen. In 1787 regeerde Chief Ramboasalama over de Merina-stam en slaagde erin alle leden van de stam op één lijn te krijgen. Hij noemde zichzelf Andrianampoinimerina (volledige naam: Andrianampoinimerinandriantsimitoviaminandriampanjaka = De Hoop van Imerina) en daardoor werden de Merina de toonaangevende stam van Madagaskar die op dat moment het halve eiland onder controle hadden.
 
negentiende en twintigste eeuw
Zijn zoon Laidama volgde zijn vader op na diens dood in 1810 en noemde zichzelf Radama I. Met behulp van een 35.000 man sterk leger veroverde en bezette hij langzamerhand heel Madagaskar. Het koninkrijk Menabe kreeg hij door te trouwen met de dochter van de koning. Daarmee vervulde hij zijn gelofte dat “mijn koninkrijk zal behalve de zee geen grenzen hebben”. Hij knoopte direct relaties aan met de Europese machten. Zo werd een Franse sergeant benoemd tot commandant van zijn leger, en een Engelsman werd zijn persoonlijke adviseur. In 1820 sloot men een verdrag met de Engelsen die Madagaskar vanaf die tijd beschouwden als een onafhankelijke staat onder Merina heerschappij. Vanaf die tijd kwamen ook de eerste missionarissen naar Madagaskar om de bevolking te bekeren tot het christendom. Ook werden de eerste scholen gebouwd en de Madagassische taal werd op schrift gezet. De eerste bijbel in het Madagassisch werd in 1835 gedrukt. Radama stierf in 1828 en werd opgevolgd door de vreemdelingenhaatster Ranavalona I die het christendom meteen illegaal verklaarde. Vele missionarissen vluchtten of werden gedood. In 1861 stierf Ranavalona en werd opgevolgd door haar zoon, Radama II. Hij was veel vooruitstrevender dan zijn moeder. Zo kreeg de bevolking vrijheid van godsdienst, hij moderniseerde het rechtssysteem en stelde Madagaskar weer open voor buitenlanders. Toen de Europeanen weer binnen mochten komen werd het christendom al snel min of meer de officiële godsdienst. In 1862 werd de hoofdstad Antananarivo getroffen door een mysterieuze besmettelijke ziekte. Tussen de elite van de Merina-stam ontstonden diepe meningsverschillen en dit alles resulteerde in de dood van Radama II, vermoord door de broer van de premier. Hij werd opgevolgd door zijn vrouw, die zich vanaf toen Rasoherina noemde. Zij trouwde, volgens traditie, met de premier. Haar macht werd echter aan banden gelegd in een overeenkomst die bepaalde dat zij alleen beslissingen kon nemen met toestemming van de ministers. Dan komt de broer van de premier, Rainilaiarivony, weer in beeld. Hij organiseert een opstand tegen zijn broer, bezet zijn ministerie en trouwt met zijn vrouw Rasoherina! Rasoherina bleef daardoor tot 1868 op haar troon zitten. Ze werd opgevolgd door Ranavalona II, die weer trouwde met Rainilaiarivony. Ranavalona II stierf in 1883 en werd opgevolgd door Ranavalona III. Ondertussen waren de Engelsen door de aanleg van het Suezkanaal in 1869 niet meer zo geïnteresseerd in Madagaskar als politiek en strategisch steunpunt in de Indische Oceaan. In 1890 sloten Frankrijk en Groot- Brittannië een verdrag waarin Madagaskar onder de invloedssfeer van Frankrijk kwam en Zanzibar onder die van Groot-Brittannië. In 1894 eisten de Fransen dat koningin Ranavalona III zou aftreden. Zij weigerde dit en Frankrijk stuurde een leger naar Madagaskar. Ondanks grote verliezen door ziektes namen de Fransen op 30 september 1895 Antananarivo in. Hij probeerde de Merina- aristocratie te elimineren door o.a. de Madagassische taal te verbieden. Ook alle Britse invloeden werden onderdrukt. Het Frans werd de officiële taal en in 1897 lukte het de Fransen om Ranavalona af te zetten en ze werd verbannen naar Algerije. De Fransen probeerden wel meteen het land verder te ontwikkelen door te investeren in de economie, het transport, de bouw en het onderwijs. Door deze ontwikkelingen ontstond al vrij snel een op Frankrijk gerichte Madagassische elite. De meeste Madagassiërs vonden het maar niets en al snel ontstonden er nationalistische groeperingen onder de Merina en Betsileo-stam. Zij organiseerden vele stakingen en demonstraties.
 
Gedurende de Tweede Wereldoorlog stond Madagaskar onder het pro-Duitse Vichy-bewind van Marshal Pétain. De Britten veroverden Madagaskar al snel omdat ze vreesden dat de Japanners het eiland zouden gaan gebruiken als uitvalsbasis. Madagaskar werd echter in 1943 al weer teruggegeven aan de “Vrije Fransen” van generaal Charles de Gaulle. Na de oorlog laaiden de nationale gevoelens weer fel op wat uiteindelijk resulteerde in een opstand in 1947 die door de Fransen bloedig werd neergeslagen (men schat 80.000 doden). In de jaren ’50 werden er voor het eerst politieke partijen gevormd. De belangrijkste partij werd de Parti Social Démocratie (PSD) van Philibert Tsiranana. In 1958 stemden de Madagassiërs in een referendum vóór een status als autonome republiek als onderdeel van de Franse overzeese gebiedsdelen.
 
onafhankelijkheid
Niet lang daarna volgde in 1960 de onafhankelijkheidsverklaring en Tsiranana werd de eerste president. De Fransen mochten van hem de controle over de handel en het bankwezen behouden. Ook de militaire bases kon Frankrijk aanhouden. Hierdoor maakten de Fransen in feite nog steeds de dienst uit in Madagaskar. De Merina- stam zette zich steeds meer af tegen de voortdurende Franse “overheersing” en zocht steeds meer steun bij de Sovjet-Unie en het communisme. Tsiranana was hier fel op tegen en richtte zich meer op Zuid- Afrika. Tsiranana’s populariteit daalde echter snel toen het in jaren zestig economisch steeds slechter ging met Madagaskar. In september 1972 trad Tsiranana af na massale demonstraties en gaf de macht over aan de chef-staf van het leger, generaal Gabriel Ramanantsoa. Ramanantsoa voerde meteen fundamentele veranderingen in. Franse militaire bases werden gesloten, met de collectivisatie van de landbouw werd begonnen en de diplomatieke betrekkingen met Zuid-Afrika, Israël en Taiwan werden bevroren. De betrekkingen met China en de Sovjet-Unie werden krachtiger. Door het vertrek van de Fransen werd al snel duidelijk dat Madagaskar erg afhankelijk was van hun ontwikkelingsgeld en technische hulp. Al snel volgden er verhitte discussies over de weg die men ingeslagen was. In februari 1975, na verschillende couppogingen werd generaal Ramanantsoa gedwongen af te treden en vervangen door kolonel Richard Ratsimandrava. Deze werd echter al na één week doodgeschoten en de macht werd door een aantal officieren uit het leger overgenomen. Deze officieren werden al snel teruggefloten door een aantal officieren die loyaal waren aan de vermoorde Ratsimandrava. Er werd een nieuwe regering benoemd onder leiding van Didier Ratsiraka, eerder al minister van buitenlandse zaken. Door deze ontwikkelingen was de export gestagneerd, waren alle scholen gesloten en waren er nauwelijks nog andere economische activiteiten. Ratsiraka probeerde met radicale politieke en sociale hervormingen de boel weer op gang te krijgen. Hij richtte zich daarbij met name op communistische landen. Economisch was hij wat pragmatischer. Alle banken werden genationaliseerd en er werden een aantal publieke organisaties opgericht die zich gingen bezighouden met verschillende sectoren van de economie. In 1981-1982 volgde weer een ernstige economische crisis waardoor Ratsiraka gedwongen werd de teugels wat te laten vieren. Daardoor kreeg hij ook weer meer geld van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) en de Wereldbank. Door deze buitenlandse hulp krabbelde de economie, weliswaar tijdelijk, weer wat op. In maart 1989 werd Ratsiraka na dubieuze verkiezingen weer voor zeven jaar herkozen. Bij rellen vielen zes doden en tientallen gewonden. In 1991 volgden maanden van demonstraties en stakingen tegen het bewind van Ratsiraka waardoor de toch al kwetsbare economie ophield te functioneren. Nieuwe rellen volgden en er vielen 30 doden. Frankrijk oefende zware druk uit en eiste nieuwe verkiezingen. In oktober 1991 tekende Ratsiraka een overeenkomst met de oppositie waarin nieuwe verkiezingen uitgeschreven werden. Deze verkiezingen werden gewonnen door de arts Albert Zafy, die probeerde van Madagaskar een democratie te maken. Zo kreeg het parlement vergaande bevoegdheden, o.a. kon men de president met twee derde meerderheid afzetten. Ondanks alle goede bedoelingen liep ook dit experiment uit op een volledige chaos. Binnen drie jaar vielen acht kabinetten en koos men drie keer een nieuwe premier. De economie stortte ook weer in en de bevolking werd steeds armer. Na die drie jaar eiste Zafy weer zijn macht terug. Onmiddellijk probeerde het parlement hem af te zetten, maar hij weigerde. Wel schreef hij nieuwe verkiezingen uit die gewonnen werden door de vroegere president, Ratsiraka. Ratsiraka probeerde nu van Madagaskar een federale staat te maken à la de Verenigde Staten. Madagaskar is nu al opgedeeld in autonome provincies met zelfbestuur. Er wordt ook sterk ingezet op economische groei en de wederopbouw van het onderwijs en de gezondheidszorg. Ook zijn de Fransen weer welkome investeerders. Ratsiraka schreef vrij snel een referendum uit, waarin hij het volk vroeg om de macht weer terug te geven aan de president. Het volk stemde met ruime meerderheid vóór, moe van de instabiele politieke toestanden van de afgelopen decennia. De verkiezingen van 1998 weer gewonnen door Ratsiraka’s partij. Premier werd Pascal Rakotomavo. Na de gemeenteraadsverkiezingen van 1999 kwamen in bijna alle grote steden pragmatische, vaak partijloze zakenmannen aan de macht. Op 16 december 2001 vonden presidentsverkiezingen plaats, waarbij oud-president Ratsiraka en Marc Ravalomanana, de burgemeester van de hoofdstad Antananarivo de belangrijkste kandidaten waren. Al snel na de verkiezingen circuleerden er sterke geruchten over onregelmatigheden. Met massale steun van de bevolking riep de burgemeester van Antananarivo zich uit tot staatshoofd en benoemde zijn eigen "regering". Hij eiste de overwinning voor zich op, omdat hij 52% van de stemmen zou hebben gekregen, terwijl volgens de verkiezingscommissie geen enkele kandidaat meer dan 50 % van de stemmen zou hebben en dit betekende dat een tweede ronde nodig was. De officiële uitslag plaatste Ravalomanana aan kop voor de zittende president, Didier Ratsiraka met 46 % tegen 41% van de stemmen.
 
Daarop volgde in de hoofdstad een periode van vreedzame protesten door massademonstraties en stakingen, op een schaal zoals nooit eerder was voorgekomen. De crisis markeert een grote verandering in de politieke verhoudingen van het land, waar Ratsiraka's Arema partij op een gemakkelijke overwinning leek af te stevenen. Ravalomanana wordt gesteund door de verenigde oppositie, die zich bevindt in verschillende delen van het land en diverse sociale en ethnische groepen omvat. Ook na de verkiezingen heeft de oppositie haar eenheid weten te bewaren. Arema daarentegen heeft geen meerderheid in het land, maar kon tot nu toe haar positie handhaven door de versnippering van de oppositie en de bereidheid van sommige oppositieleiders om functies in de regering te bekleden of het regeringsbeleid te steunen, zoals bijvoorbeeld economische hervormingen. Ratsiraka heeft de de steun voor de oppositie niet goed weten in te schatten. Hij kondigde de staat van beleg af, een taktiek die faalde, omdat de veiligheidstroepen niet bereid bleken partij te kiezen in het conflict. In de ogen van de militairen staat het leger ten dienste aan de staat en niet aan individuele politici. Als reactie op de machtsovername van Ravalomanana in de hoofdstad werden door Ratsiraka nieuwe bevoegdheden toegekend aan de goeverneurs van de zes provincies. Zij behoren eveneens tot de Arema partij. Een van de provinciale goeverneurs nam afstand, maar de andere vijf kozen de kant van Ratsiraka, die een alternatieve regering installeerde in de havenstad Toamasina (ook wel Tamatave). Echter deze situatie kreeg met name door het toedoen van Ratsiraka zelf verder geen inhoud.
 
Er volgden verschillende Afrikaanse bemiddelingspogingen om tot een oplossing van de crisis te komen. Bij de bemiddelingspogingen in het conflict door vertegenwoordigers van de AU (African Union) is het voorkomen van de opsplitsing van de nationale eenheid van Madagaskar het belangrijkste doel geweest. Uiteindelijk heeft deze bemiddelingspoging geleid tot thertelling van de st emmen. Daarbij haalde Ravalomanana meer dan 50% van de stemmen en werd tot president uitgeroepen in mei 2002. Nieuwe presidentsverkiezingen staan gepland voor April 2007. Eind 2007 zal ook het parlement gekozen worden.
 
Economie en Toerisme

algemeen
Madagaskar is een van de armste landen ter wereld, waar bijna 80% van de bevolking van de landbouw leeft. Ook de export bestaat voor 80% uit agrarische producten. De economie groeit erg traag door o.a. corruptie, lage wereldhandelsprijzen, slechte infrastructuur, geïsoleerde ligging, geringe koopkracht van de bevolking en natuurrampen. Het bruto nationaal product per hoofd van de bevolking bedraagt op dit moment slechts 780 dollar per jaar. Ongeveer 72% van de bevolking leeft onder de armoedegrens. In het droge zuiden komt zelfs hongersnood voor.
 
In 1998 ontving Madagaskar 800 miljoen dollar uit het buitenland en staat daarmee volgens de Wereldbank als twaalfde op de lijst van “meest geholpen landen” en vijfde op de lijst van “meest afhankelijke landen”. De economische schuld bedroeg in 1999 vijf miljard dollar. De privé- sector groeide in 1998/1999 met tien procent en maakt op dit moment al 20% van het bnp uit. In 1994 groeide de economie met vijf procent en bleef de inflatie beperkt. Toch zal de economie nog harder moeten gaan groeien wil de Madagassische bevolking er dírect van profiteren. Ten opzichte van het buitenland houdt Madagaskar sinds enkele jaren een opendeurpolitiek, dat wil zeggen dat elk land Madagaskar in mag komen om te investeren.
 
landbouw, veeteelt en visserij
Voedingsgewassen worden over het algemeen op kleinschalige bedrijven op het hoogplateau verbouwd. Rijst is veruit het belangrijkste product; sinds 1972 moet rijst worden ingevoerd. Gestreefd wordt naar zelfvoorziening maar dat zal niet gemakkelijk zijn door het gemis aan moderne machines en verouderde irrigatiesystemen. Nieuwe plantmethoden geven weer wat hoop; in 1999 produceerde men in principe weer genoeg om de eigen bevolking te voeden. Daarnaast worden voor eigen gebruik cassave, zoete aardappelen, avocado’s, bananen, citroenen, grondnoten en groenten verbouwd. Exportproducten als vanille, koffie en thee hebben minder last van de natuur. Ze worden namelijk in de vruchtbare streken verbouwd. Koffie is het belangrijkste exportproduct (ruim 40% van de totale exportwaarde). Madagaskar is de grootste producent van vanille (70% van de wereldproductie). De vanille wordt verbouwd in gebieden tussen het hoogplateau en de noordoostkust. Verder neemt Madagaskar ongeveer eenderde van de wereldproductie van kruidnagelen voor zijn rekening. Er worden ook sisal, peper, suikerriet, tabak en katoen verbouwd en men is begonnen met de aanleg van theeplantages.
 
Ondanks de grote hoeveelheid vee, vooral van belang als statussymbool, heeft de veehouderij bijna geen economische waarde. De veehouders zijn half-nomaden. De weidegrond wordt inefficiënt gebruikt. Er worden met name zeboes gehouden, en verder runderen, varkens, schapen, geiten en kippen. Zeboes worden voornamelijk gehouden door de Antandroy-stam en de Mahafaly-stam uit het zuiden en de Bahalava-stam uit het westen. De zeboes zijn bijna heilige dieren, die alleen geslacht en gegeten worden tijdens sociale en religieuze feesten. Er zijn in Madagaskar bijna net zoveel zeboes als mensen.
 
De Fransen hebben tevergeefs geprobeerd van de Madagassische boeren moderne veehouders te maken met runderen uit Europa, maar dat is niet gelukt. De Madagassiërs hielden liever vast aan de zeboes.
 
In 1998 bedroeg de export van vis bijna 30.000 ton. Debet hieraan is de tonijn- en garnalenproductie, die in korte tijd verdriedubbeld is. Tachtig procent van de visexport gaat naar Europese landen. Met name de Vezo-stam zijn echte vissers, vaak nog op traditionele wijze.
 
Sinds 1986 bestaat er een verdrag met de Europese Unie over visvangst door EU- landen in de Madagassische wateren in ruil voor betaling.
 
delfstoffen, handel en industrie
De aanwezigheid van veel delfstoffen is aangetoond, maar er wordt weinig geëxploiteerd, o.a. vanwege slechte bereikbaarheid en een slechte infrastructuur. Belangrijkste mineralen zijn grafiet, chroomerts, mica, ijzererts en verschillende halfedelstenen zoals toermalijn, beril, zirkoon, topaas, amethist en celestijn. De laatste jaren wordt er veel saffieren gevonden en geëxploiteerd. De grootste kristal ter wereld is in Madagaskar gevonden, 18 meter lang, een diameter van 3,5 meter en een gewicht van 380 ton. In de jaren tachtig werd begonnen met de exploitatie van bauxiet en titaniumerts.
 
De handelsbalans vertoont nog steeds een fors tekort. Met een zeer terughoudende importpolitiek probeert men het nadelig saldo te beperken. Ingevoerd worden voedingsmiddelen (vooral rijst), aardolie, machines en transportmiddelen. In 1998 werd ervoor $881 miljoen geïmporteerd uit met name Frankrijk en verder de Verenigde Staten, Duitsland, Japan en Groot-Brittannië. De voornaamste uitvoerproducten zijn koffie, kruidnagelen, vanille en garnalen. In 1998 werd er voor $600 miljoen geëxporteerd naar met name Frankrijk en verder Hongkong, Japan, China en Singapore.
 
De industrie is hoofdzakelijk op de binnenlandse markt georiënteerd, slechts ongeveer 6% van de beroepsbevolking is werkzaam in deze sector. De meeste bedrijven verwerken agrarische producten, zoals rijst, tabak, koffie en katoen. De suiker- en vleesverwerkende industrieën produceren voor de export. De vlees- en ook de kipindustrie heeft echter ernstig te lijden onder het protectionistische beleid van Europa. Madagaskar ging op een gegeven moment zelfs kippen uit Europa importeren. De exploitatie van aanwezige olievoorraden is tot nog toe niet van de grond gekomen. Andere belangrijke industrieën zijn de cement- en kunstmestindustrie. Vanaf 1979 leende Madagaskar miljarden in het buitenland voor de opbouw van de industrie. Door slecht management en onnodige prestigeprojecten leverden die investeringen al snel niets op. Er hebben zich de laatste jaren wél ongeveer 400 Franse bedrijven op Madagaskar gevestigd.
 
toerisme
Madagaskar heeft zijn hoop gevestigd op de toename van het toerisme. In 1999 kwamen er ongeveer 200.000 toeristen naar het eiland, goed voor ongeveer 165 miljoen gulden aan buitenlandse valuta. Er werken op dit moment zo’n 15.000 mensen in de toeristische sector. Toch zal er nog veel moeten gebeuren om het streven naar 700.000 bezoekers in 2010 te halen. In het hoogseizoen dreigt er nu al een tekort aan hotelkamers en in veel kleinere plaatsen zijn helemaal geen voorzieningen. Verder is het vervoer per bus, trein en taxi onbetrouwbaar en soms erg gevaarlijk.
Positief is dat enkele Franse hotelketens op dit moment investeren in luxe onderkomens aan de kust.
 
vervoer
De aanleg van wegen en spoorlijnen is door klimaat en landschap moeilijk en kostbaar. Van de ca. 60.000 km weg is 15% verhard. Maar verhard of niet, in het regenseizoen overstromen de wegen, worden modderig en zijn nauwelijks nog te berijden. Zelfs belangrijke steden zijn soms niet bereikbaar over de weg. De beste wegen bevinden zich op het centraal plateau en aan de oostkust. In het westen zijn nauwelijks goede wegen te vinden. Dit brengt regelmatig problemen met zich mee voor de voedselaanvoer. Door de gebrekkige verbindingen over land zijn de kustvaart en de luchtvaart belangrijk. Veel goederenverkeer vindt plaats door het 600 km lange Pangalaneskanaal, dat uit een aaneenschakeling van lagunes bestaat en voor ongeveer een derde bevaarbaar is. Toamasina is de belangrijkste haven van Madagaskar met een directe spoorlijn naar de hoofdstad Antananarivo. De haven van Antsiranana is een militaire haven. Ook Mahajanga, aan de westkust, heeft een grote haven die echter te ondiep is voor grote zeeschepen. Over de weinige spoorlijnen worden veel goederen en mensen vervoerd. Er lopen met name spoorlijnen in het noorden en zuiden van het centraal plateau. Antananarivo heeft een internationale vlieghaven. De meeste andere wat grotere steden hebben kleine vliegveldjes voor binnenlandse vluchten. Het net van vliegroutes is in verhouding tot de omvang van de bevolking het dichtste van de wereld. Air Madagascar is de nationale luchtvaartmaatschappij.
 
Bevolking

Madagaskar telde in juli 2000 15.506.472 inwoners. De bevolkingsdichtheid bedraagt ongeveer 26 inwoners per km2. In het westen is 2 inwoners per km2 geen uitzondering. De gemiddelde groei van de bevolking bedraagt ongeveer 3% per jaar. Dit betekent dat de bevolking ongeveer één keer per 22 jaar verdubbeld. Dit hoge groeicijfer wordt veroorzaakt door het feit dat de gemiddelde moeder 5,84 kinderen krijgt en gezinnen met meer dan 10 kinderen vrij normaal zijn. De gemiddelde levensverwachting is niet erg hoog, bijna 55 jaar. Bijna 80% van de bevolking woont nog op het platteland; rond 20% woont in de steden. De trek naar de grote steden is echter groot en men verwacht dat in 2015 ongeveer 40% van de bevolking in de steden woont.
 
De hoofdstad Antananarivo heeft op dit moment bijna 1,1 miljoen inwoners. De hele agglomeratie telt ongeveer 3,6 miljoen inwoners. Andere grote steden zijn Toamasina (127.000 inwoners), Fianarantsoa (130.000), Antsirabe (120.000), Mahajanga (101.000) en Antsiranana (100.000).
 
De Madagassiërs zijn overwegend van Maleis-Indonesische afkomst en in veel mindere mate zijn negroïde en Arabische elementen aanwezig. Ongeveer 1% van de bevolking bestaat uit voornamelijk Fransen, Comorezen, Indiërs, Pakistani en Chinezen. De traditionele Madagassische bevolking is verdeeld in 18 stammen, voornamelijk gebaseerd op de grenzen van de vroegere koninkrijken en niet zozeer op etnische karaktertrekken. Hoewel sommige stammen van duidelijk Aziatische of Afrikaanse afkomst zijn, is de Madagassische bevolking over het algemeen een mix van de volgende stammen:
 
Antaifasy
Kleine stam. Naam betekent "zij die in het zand leven". Regio Farafangara aan de oostkust.
 
Antaimoro
Naam betekent "zij van de kuststreek". Regio Manakara aan de oostkust. Verwant met de Arabieren.
 
Antaisaka
Kleine stam. Naam betekent "zij van Sakalava-land". Afsplitsing van de Sakalava stam. Regio zuidoostkust.
 
Antakàrana
Zeer kleine islamitische stam. Naam betekent "zij van de kliffen". Regio Ankàrana in het verre noorden. Vissers en herders.
 
Antambohoaka
Naam betekent "zij van de gemeenschap". Regio Mananjary in het zuidoosten. Houden islamitische tradities aan.
 
Antandroy
Semi-nomadische stam. Naam betekent "zij van de doornen". Arme stam in het droge zuiden. Inkomsten uit verkoop van houtskool. Vele ontvluchten vanwege miserabele omstandigheden naar andere regio's.
 
Antanosy
Naam betekent "zij van het eiland". Regio zuidoosten.
 
Bara
Herkomst naam onbekend; waarschijnlijk van Bantu-taal afkomstig. Duidelijk van Afrikaanse afkomst. Herders.
 
Betsileo
Naam betekent "de onzichtbaren"". Regio Fianarantsoa. Houtbewerkers en boeren. Subgroep zijn de Zafimaniry. Regio ten oosten van Ambositra. Befaamde houtbewerkers.
 
Betsimisaraka
Op één na de grootste stam van Madagaskar. Naam betekent "zij die niet te scheiden zijn". Regio centrale en noordoostelijke kust. Voornamelijk boeren, verbouwen koffie, suikerriet en kruidnagelen.
 
Bezanozano
Kleine stam. Naam betekent "zij met vele kleine vlechten" naar het Afro-kapsel. Regio tussen Merina en Betsimisaraka, bergachtig regenwoud.
 
Mahafaly
Naam betekent "makers van taboes". Regio zuid-zuidwesten. Kwamen pas ongeveer 900 jaar geleden op Madagaskar aan. Boeren.
 
Merina
Grootste stam. Naam betekent "zij van de hooglanden". Van Aziatische afkomst met lichtste huidskleur van Madagaskar. Regio rond hoofdstad Antananarivo. Bevolking is verdeeld in drie kastes: andriana = adel, hova = vrijen, andevo = werkers (in feite slaven).
 
Sahalava
Naam betekent "zij van de lange valleien". Bevolken het grootste gebied: regio west-Madagaskar. Donkere huidskleur. Twee subgroepen, Makoa die afstammen van Afrikaanse slaven en Vezo, voornamelijk vissers.
 
Sihanaka
Naam betekent "zij die door de moerassen zwerven". Vissers en rijstboeren. Regio laagland rond het meer van Alaotra.
 
Tanala
Naam betekent "zij van het woud". Bergregio van de oostelijke regenwouden.
 
Tsimihety
Naam betekent "zij die hun haar niet knippen". Regio noordwesten. Herders en rijstboeren.
 
Zafisoro
Kleine stam. Herkomst naam onbekend. Zelfde regio als de Antaifasy; Farafangana aan de oostkust.
 
Taal
Het Madagassisch en het Frans zijn de twee officiële talen van Madagaskar. Het Madagassisch behoort tot de Maleis-Polynesische taalfamilie. Belangrijkste omgangstaal is het Hova, dat door de Merina, de grootste bevolkingsgroep, wordt gesproken.
Het Frans wordt met name in de steden en in het zakenleven gesproken. In het onderwijs wordt ook Franse les gegeven, zeker in het voortgezet onderwijs. Engels wordt eigenlijk alleen gesproken in de hoofdstad en de toeristencentra. Het Madagassische alfabet bestaat uit 21 letters. De C, Q, U, W en X komen niet voor in het alfabet. De laatste jaren worden er ook boeken en kranten in het Madagassisch uitgegeven.
 
Om een indruk te geven van het Madagassisch de volgende woorden:
 
huis – trano
water – rano
rijst – vary
brood – mofo
melk – ronono
eieren – atody
dorp – vohitra
stad – tanana
hallo – manao ahoana
dank u - misaotra

 
Godsdienst
De Afro-Aziatische afkomst van de Madagassiërs heeft een gecompliceerde maar fascinerende geloofswereld opgeleverd. Met name het geloof in de kracht van de dode voorouders (de razana) die nog steeds ingrijpen in het dagelijks leven, is heel sterk. Zo worden ongelukken toegeschreven aan boze voorouders , die weer gunstig gestemd moeten worden met een offer.
Een ander fenomeen is genaamd “fady”. Fady is het geloof in handelingen en gedrag die “gevaarlijk zijn om...”
Een voorbeeld: “het is gevaarlijk om dírect een ei aan iemand te geven; het moet eerst op de grond gelegd worden.
Bij de Antaisaka’s komt nog steeds een taboe op tweelingen voor, en het komt nog steeds wel eens voor dat die na de geboorte gedood worden of achtergelaten in een bos.
“Vintana”is een ander gebruik en heeft te maken met de tijd. Elke dag heeft iets speciaals. Zo is de donderdag de dag voor huwelijken en vrijdag de dag voor begrafenissen.
Begrafenisgebruiken zijn talrijk en verschillen van stam tot stam en zelfs van familie tot familie. Het beroemdste ritueel van Madagaskar is de herbegrafenis of Famadihana. Het is de meest directe manier om in contact te komen met de overleden voorouders. Tijdens dit ritueel worden alle doden uit het familiegraf gehaald. Er wordt met ze gedanst en gefeest om ze te laten zien dat men nog steeds veel om de overledenen geeft.
De helft van de inwoners hangt ook animistische geloofsuitingen aan. Het animisme is een oergeloof waarbij men gelooft dat alle aardse dingen zoals bomen, dieren of zelfs stenen, een eigen spirituele kracht bezitten.
Vanaf de 18e eeuw was het een komen en gaan van missionarissen. Het protestantisme kreeg als eerste voet aan de grond op Madagaskar. Toen de Franse invloed sterker werd, kreeg het katholicisme al snel de overhand. Ongeveer 45% van de bevolking is christen, ongeveer evenveel rooms-katholieken als protestanten. Ongeveer 5% van de bevolking is islamiet. Ze wonen met name in noordelijke steden als Mahajanga.
Samenleving
Staatsinrichting
Madagaskar is sinds de nieuwe grondwet een presidentiële republiek met een nationale volksvergadering (138 zetels) en een meerpartijensysteem. Staatshoofd is de president, die voor vijf jaar wordt gekozen via algemene verkiezingen. De premier wordt benoemd door de president die kiest uit een lijst die door het parlement wordt samengesteld. De ministers worden weer door de premier benoemd. Er is een meerpartijensysteem, maar van 1975 tot 1992 waren alleen politieke partijen op socialistische grondslag toegestaan. Kiesrecht heeft iedereen boven de 18 jaar.
Administratief is het grondgebied ingedeeld in zes provincies (Antsiranana, Fianarantsoa, Mahajanga, Toamasina, Antananarivo en Toliary), die onderverdeeld zijn in prefecturen, onderprefecturen, districten en traditionele dorpsvergaderingen, fokonolona geheten, die een belangrijke rol spelen in de plaatselijke besluitvorming.
Top